NASA · Ruimte
Hubble- en Webb-telescopen observeren verre objecten in het zonnestelsel
Voor het eerst hebben NASA's Hubble- en James Webb-ruimtetelescopen gezamenlijk Transneptunische Objecten (TNO's) bestudeerd, wat onverwachte bevindingen over deze verre, ijzige lichamen heeft opgeleverd.

Wetenschappers observeerden 27 nieuw ontdekte, extreem zwakke TNO's, die overblijfselen zijn uit de vroege stadia van planeetvorming. De waarnemingen analyseerden hun kleur, samenstelling en grootteverdeling.
De studie onderzocht twee soorten TNO's: dynamisch 'koude' TNO's in stabiele banen en 'hete' TNO's die werden verspreid door buitenplaneten. Beide typen draaien in een baan voorbij Neptunus.
In tegenstelling tot de verwachtingen bleken de oppervlakken van de kleine TNO's vergelijkbaar met die van hun grotere tegenhangers, wat suggereert dat botsingen hun samenstelling niet significant hebben veranderd.
Dit impliceert dat deze kleine lichamen hun oorspronkelijke, pre-botsingskenmerken behouden, wat ertoe leidde dat onderzoekers ze beschrijven als 'zich herinnerend' aan hun vormingsgeschiedenis.
De gegevens gaven ook aan dat er minder kleine TNO's waren dan voorspeld door sommige planeetvormingsmodellen. Het kleinst waargenomen object heeft een diameter van ongeveer 3 mijl (5 kilometer).
De gecombineerde mogelijkheden van Hubble (zichtbaar licht) en Webb (infrarood licht) boden ongekende inzichten in deze objecten, die te zwak zijn voor telescopen op de grond.
Deze bevindingen dragen bij aan het begrip van hoe planetesimalen zich vormden in het vroege zonnestelsel, waarbij de processen consistent lijken te zijn in verschillende regio's en omstandigheden.
AI-samenvatting op basis van de bron.
NASA